Met steun van:
Stad Antwerpen

Wie is Online?

No users online

Je bent niet ingelogd.

 
De sport in detail
Leiding en interpretaties van het spel. PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door Joeri Vervoort   
zondag 04 november 2007

De eerste worp is altijd een pointage, maar bij de volgende worpen staat men steeds voor de terugkerende keuze; pointeren (placeren) of tireren.  Het verloop van het spel maakt de keuze dikwijls niet moeilijk. Er zijn echter gevallen waarin twijfel kan ontstaan. Op zulke momenten komt er denkwerk en overleg met de partners aan te pas.
Ziedaar wat bedoeld werd met de titel van dit hoofdstuk.

LEIDING EN INTERPRETATIE VAN HET SPEL:

 

De keuze van de tactisch te volgen weg vormt zelf voor de beste petanquers een grote moeilijkheid. Een goede ploegleider kiest doorgaans de juiste oplossing, een zwakke kapitein zal zich meermaals vergissen en aldus het rendement van zijn triplet verminderen.

Het is soms opvallend dat goede spelers toch niet altijd beschikken over een grote dosis speldoorzicht of niet altijd bekwaam zijn om een leidende functie te vervullen. Ondanks hun waarde falen zij in het teamwerk en maken al te vaak kennis met de nederlaag.
Kenners plegen te zeggen:
    “Hij speelt met zijn handen, maar niet met zijn hoofd.”

 

Natuurlijke aanleg en vaardigheid zijn vanzelfsprekend belangrijke factoren. Er komen nog een aantal verstandelijke waarden aan te pas, waarvan de kapitein moet gebruik maken om zijn ploeg in winnende stelling te stuwen. We zouden al deze geestelijke eigenschappen kunnen plaatsen onder één banier nl: INTELLIGENTIE!!

 

De steeds wisselende factoren welke het spel beïnvloeden dwingen de kapitein er voortdurend toe, zijn beslissingen te wikken en te wegen. Compromissen om de ene of andere partner een plezier te doen, zijn echter uitgesloten. Het is ofwel pointeren (placeren) of tireren.

Een degelijke ploegleider zal wel rekening houden met de partner die aan de worp moet komen en zijn oplossing kiezen in functie van de mogelijkheden van deze partner. Er is meer kans van voordeel te halen wanneer men diegene die aan de worp komt, te laten doen wat hij kan en graag doet. Omgekeerd is de kans om te slagen klein wanneer de spelwijze opgedrongen wordt.

 

 

Laatst bijgewerkt op ( woensdag 08 april 2009 )
 
Basisprincipes PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door Joeri Vervoort   
zondag 04 november 2007

Wanneer men de Petanque reglementen leest, krijgt wellicht de indruk te doen te hebben met een spel dat de eenvoud zelf is. De praktijk wijst echter uit dat er heel wat meer bij te pas komt dan men aanvankelijk zou vermoeden.

 

Een goeden regel voor beginners:

Let van het begin af aan op uw manier van spelen, want indien u in de aanvangsperiode slechte gewoonten aankweekt zijn deze er later nog moeilijk uit te krijgen. 

Uw stijl, goed of slecht, wordt gevormd van bij de eerste worpen.


In de eerste plaats zal men er acht op slaan een ideale en reglementaire houding aan te nemen, d.w.z. de hielen praktisch tegen elkaar en de voeten lichtjes gespreid.
Houd uw lichaam zo recht mogelijk ook als u de voorkeur geeft aan de hiel-zit, waarbij de dijen of het achterwerk rusten op de hielen. Deze stabiele, verticale houding zal u helpen om de precisie na te streven en bovendien geeft zij ook een grotere mogelijkheid om de toestand van het terrein te overschouwen.

 

In de tweede plaats dient men bijzondere zorg te besteden aan de manier waarop de bal geworpen wordt. Hij moet gelanceerd worden met de volle hand, recht en zonder effect. Van de duim tot de pink is de bal voor de helft door de hand bedekt. De vijf vingers liggen in licht gespreide stand met de middelvinger gericht naar het mikballetje (cochonette). Het is geraden de bal alleen met de vingers te lanceren.

 

De worp wordt vooraf gegaan door een soepele beweging, naar achter met een gestrekte arm. Een schutter doet er best aan de armbeweging te laten gepaard gaan met een lichte kniebuiging.

 

Het is natuurlijk van het grootste belang dat men bij de armzwaai geen afwijkingen begaat. Gebruikt u alleen de voorarm of geeft u stuwing met de vingers of met een polsslag dan legt u zichzelf een beperking op, omdat deze methodes aanleiding kunnen geven tot afwijking en onverwachte effectballen.

 

Als bij de lancering de duim of de wijsvinger naar het mikballetje  gericht is, krijgt u een afwijking naar links. Als de pink naar het mikballetje gericht is, krijgt u een afwijking naar rechts.
Veronderstellen wij dat u een afwijking geeft naar links. Aanvankelijk  geeft u de bol een rechte loop, maar in het laatste gedeelte van zijn parcours komt het effect naar links er pas uit en mist u het doel. U hebt dit natuurlijk opgemerkt en bij de volgende worp geeft u iets meer effect naar rechts om de afwijking te milderen. Aldus worden de worpen een mengeling van effecten, welke leiden tot complicaties die er niet toe bijdragen uw rendement te verhogen.


De kracht van de lancering wordt geleverd door de arm. Zij wordt niet ondersteund door allerhande bewegingen met het lichaam die alleen maar de controle over de kracht  van de worp kunnen verminderen.

 

Laatst bijgewerkt op ( zondag 04 november 2007 )
 
Hoe wordt een boule gemaakt? PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door Joeri Vervoort   
zondag 20 mei 2007
Laatst bijgewerkt op ( woensdag 24 december 2008 )
 
----- Sitemap -----
Copyright PC.Ponderosa vzw -- Design and development by Joeri Vervoort
Joomla Templates by Joomlashack
Powered By PageCache
Generated in 0,14968 Seconds